Casus: geschil tussen curator en zaakvoerder van gefailleerde

Indien een onderneming (of ondernemer) failliet wordt verklaard, wordt een curator aangesteld. Het is de taak van een curator om alle activa te realiseren en de opbrengst daarvan te verdelen over de schuldeisers. Één van de voornaamste activa zijn voertuigen. Tussen mezelf als curator en de zaakvoerder van een gefailleerde was een discussie ontstaan omdat de zaakvoerder van d gefailleerde een voertuig dat behoorde tot de failliete massa niet wou afgeven. Het Hof van Beroep te Gent heeft uiteindelijk geoordeeld dat het voertuig vermoed wordt te behoren tot de failliete massa en de zaakvoerder alles in het werk had moeten stellen om het voertuig af te geven of te doen afgeven.

 

De casus

Kort na het faillissement wordt de curator door DIV (Dienst inschrijving Voertuigen) op de hoogte gesteld van de voertuigen die zijn ingeschreven op naam van de gefailleerde. Één en ander kan ook reeds blijken uit de lijst van activa in de boekhouding, voor zover die (tijdig) in het bezit wordt gesteld van de curator. De curator dient in het bezit te worden gesteld van alle activa, waaronder ook het rollend materiaal, teneinde deze te realiseren om zodoende de opbrengst te verdelen onder de schuldeisers. Ook het ereloon van de curator wordt berekend op de realisatie van de activa.

In één van de faillissementen waarin ik werd aangesteld weigerde de zaakvoerder van de gefailleerde één specifiek voertuig af te geven.

Het geschil

Gezien de zaakvoerder van de gefailleerde weigerde dit voertuig af te geven, dagvaardde ik hem in rechte om het voertuig af te geven, dit op straffe van een dwangsom van € 1.000 per dag dat het voertuig niet werd afgegeven. De zaakvoerder van de gefailleerde had allerlei redenen uitgevonden waarom hij het voertuig niet kon afgeven : eerst was het voertuig in het bezit van zijn broer, later was het eigendom van zijn broer, …

De uitspraak

Na een beroepsprocedure besliste het Hof van Beroep van Gent als volgt:

  • Ingevolge de inschrijving van een voertuig op naam van de gefailleerde vennootschap wordt dit voertuig vermoed eigendom te zijn van de gefailleerde vennootschap.
  • De curator vordert aldus terecht de afgifte van het voertuig dat behoort tot de failliete massa.
  • De zaakvoerder dient te allen tijde te weten waar de voertuigen van de gefailleerde zich bevinden. Het gaat niet op een voertuig uit te lenen zonder ooit weer in het bezit gesteld te worden.
  • De zaakvoerder draagt de verantwoordelijkheid over de activa van de gefailleerde en moet alles in het werk stellen om dit af te geven aan de curator.
  • De hoogte van de dwangsom wordt beperkt tot € 20.000 in totaal.

Daarmee heeft de zaakvoerder van de gefailleerde het pleit definitief verloren en zal ik verder de afgifte van het voertuig benaarstigen, minstens de betaling van de dwangsom.

Voertuig